Fauna‎ > ‎

stippelmot

In de lente kan je de rupsen van de stippelmot bewonderen in de Natuurtuin. Ze vreten de kardinaalsmutsen, meidoorns en andere planten van de appelachtigen kaal. De
stippelmot, die ook wel spinselmot genoemd word, spint zich in als bescherming tegen vogels die graag een rupsje lusten. Deze nesten van gesponnen draden geven de struiken een spookachtig gedaante.
Maar deze struiken zijn de stippelmot al eeuwen gewoon en krijgen na het vertrek van de rupsen opnieuw bladeren.
De stippelmot is een klein smal wit vlindertje van 2 cm groot. Ze hebben rijen zwarte stippen op hun vleugels. De
volwassen stippelmot legt vanaf juli tot en met augustus eitjes op de struiken. De eitjes komen 2 tot 4 weken later uit en overwinteren als larven in het eikapsel. In de lente verlaten de larven hun eikapsel en beginnen te eten van de blaadjes. Tijdens het vierde en vijfde larvestadium gaan ze zich omgeven met spinseldraden. De rupsen spinnen zich in om zicht te beschermen. Met behulp van deze spindraden verplaatsen de rupsen zich ook. Als ze hun buikje volgegeten hebben laten ze zich zakken aan een spindraad tot op de grond, daar worden ze pop (lange transparante zijden cocons) om in juni of juli te ontpoppen tot een volwassen vlinder.

Er bestaan verschillende soorten stippelmotten, elke soort leeft specifiek op één voedselplant. Op de kardinaalsmuts leeft de kardinaalsmutsstippelmot (Hyponomeuta padellus) op de meidoorn een andere stoort stippelmot, enz.
 
In 2009 waren er heeeel veeeeel stippelmotten in de Natuurtuin, overal zag je hun spinsels hangen. Er bleef geen enkel blaadje meer over van de kardinaalsmutsen en meidoorns. Gelukkig herstellen deze struiken zich goed, doch kregen ze weinig tot geen vruchten meer dat jaar. In 2010 en 2011 waren er veel minder stippelmotten. De struiken werden veel minder erg opgevreten en zo droegen ze wel allen vruchten.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Comments